We zijn vroeg uit de veren. Afvaart om 8 uur. Vandaag varen we naar Cherbourg, het
wordt een lange zeildag van 85 mijl. Aanvankelijk staat er
een gunstige westenwind van 20 knopen, een wind waar we op zeil gebruik van maken.

Onderweg, ver uit de kust, land er een geringde duif op de opgerolde bimini, het beestje ziet er moe uit. Ik laat ze rustig op adem komen. Na een uurtje en een geschenkje achterlatend op de bimini, vertrekt ze richting land.

In de vroege
namiddag draait de wind naar zuid west. We laten de zeilen zakken en starten de
motor. Tegen de wind in opkruisen is echt niet leuk, zeker niet met zes
beaufort met het rotsachtige gebied voor de kust van Cherbourg in het vooruitzicht.

10 mijl voor Cherbourg krijgen we het gezelschap van de Franse douane.
Eerst roepen zij ons op per marifoon. Zij willen hun wat amuseren en later laten ze hun rib te water.
Met een wind van 20 knopen en de daarbij horende golven komen zij met veel
moeite aan boord. Zij hebben tijd, veel tijd. Na controle van de boorddocumenten draaien zij de
boot binnenste buiten in de hoop iets te vinden. Er is daar ene bij die zelfs
plastieke handschoenen aandoet, Alles wordt overhoop gehaald, kleding, matras van
bed, onder elk paneel van de vloer wordt gekeken, elke bakskist wordt
geopend of kruipen zij in, noem maar op. Als zij na twee uur zoeken vertrekken
denken zij “dat hebben wij weer goed gedaan” en ik kan alles weer
netjes maken.